Sluis


Het beleg van SLUIS
Prins Maurits en zijn troepen











Sluis naar een kaart Blaeu




JANTJE VAN SLUIS

19 augustus

Beleg van Sluis

Het volgende doel was Sluis. 

De Brugse Vaart was een kanaal dat in de 13de eeuw Gent met Brugge verbond. 

De verbinding met Oostende werd later gegraven.

De Brugse Vaart liep door tot Sluis. 

Hier lagen Spaanse galleien gestationeerd die het onmogelijk maakten om via dit kanaal Oostende te bereiken of te bevoorraden.

Maurits besloot een omtrekkende beweging te maken.

Doch de Spaanse bevelvoerder Don Velasco was hiervan op de hoogte gebracht. 

Hij wachtte Maurits bij Moerkerke op met een leger van voetvolk van 15.000 man sterk. 

In goed anderhalve dag werd Don Velasco door het Staatse leger verslagen en Maurits rukte verder op naar Sluis en begon de belegering. 

In Sluis bevonden zich tussen de drie- en vierhonderd soldaten, 1.400 voornamelijk Turkse slaven en honderden inwoners.

Door het beleg ontstond er honger en er braken besmettelijke ziekten uit. 

De stad leefde in ellende. 

Na twee maanden probeerde Ambrogio Spinola de stad te ontzetten. 

Spinola

Bij Sint Kruis wist deze Spaanse generaal een doorgang te forceren. 

Zijn troepen bestormden de Linie van Oostburg. 

Aan de oevers van het Coxysche Gat en het Zwarte Gat. 

Deze geul werd genoemd naar het dorpje Coxyde dat bij de inundaties in 1583 in de golven verdween.

Capitulatie

De Spanjaarden werden op vreselijke wijze verslagen. 

Door deze overwinning van Maurits ging de stad Sluis verloren voor de Spaansgezinden. 

Op 19 augustus 1604 volgde de capitulatie. 

De Spaanse soldaten trokken zich terug uit de stad. 

Maar Maurits had zijn doel bereikt. 

Verder optrekken naar Oostende was niet langer noodzakelijk. 

Hij had nu immers een bruggenhoofd in Vlaanderen waar nu het volledige Land van Axel en het Land van Cadzand in zijn bezit waren gekomen.

Hoewel Sluis vanaf dat moment in Staatse handen was, gaven de Spanjaarden het niet op. 

Op 12 juli 1606 trachtte de Franse banneling Du Terrail, die in dienst was van de Spanjaarden Sluis, opnieuw in te nemen.

Hij probeerde de stadspoort te besluipen en deze met explosieven op te blazen om daarna de stad binnen te vallen. 

Du Terrail was ter oren gekomen dat de eerder afgebrande wachthuizen nog niet waren herbouwd. 

Via de Oostpoort was de stad bereikbaar via twee bruggen. 

In Sluis ging men er van uit dat het niet mogelijk was de stad binnen te komen via het Verdonken Land van Cadzand en langs verschillende schansen. 

Om die reden waren de bruggen slechts licht bewaakt.

De bedoeling van Du Terrail was om aan de Oostpoort troepen met explosieven te plaatsen. 

Via de zuidzijde van de stad zou een schijnaanval worden uitgevoerd om de aandacht af te leiden. 

Maar dat ging mis.

Het (niet) ingrijpen van Jantje

Eerder, in 1424, werd door de kunstenaar Jacob van Huse een gekleurd beeldje gemaakt dat in het Belfort was geplaatst. 

Een simpel, fel gekleurd beeldje dat met een hamer op gezette tijden op de klok sloeg om de tijd aan te geven. 

Het moment waarop de klok zou slaan zou voor de soldaten van Du Terrail het sein zijn om aan te vallen.

De mens wikt en God beschikt. 

De klokkensteller, die de bijnaam Jantje van Sluis had, had die dag stevig kermis gevierd. 

Daarbij had hij niet nagelaten een groot aantal alcoholische versnaperingen tot zich te nemen.

 Hij vroeg zijn zoon en zijn neef de klok op te winden. 

Deze stevige knapen deden wat hen werd gevraagd, maar ze draaiden de veer van de klok iets te stevig aan. 

Daardoor liep het mechanisme vast.

De Spanjaarden dachten aan verraad en durfden hun plannen niet uit te voeren.

Sindsdien is Jantje van Sluis de held van de stad.



Mijn vader schreef over SLUIS een boek......De mislukte overrompeling van SLUIS:

Zie:

https://daenhanja.blogspot.com/p/hoofdstuk-1-heidaar-bengel-moet-je.html

 

Reacties